Martijn’s column: Acceptatievermogen van nul

“Serieus, gebeurde dat net nou echt?” De verslaggevers van Voetbal in Haarlem kunnen dit bijna wekelijks tegen elkaar zeggen. Helaas gaat het dan regelmatig over zaken die helemaal niet op of rond het voetbalveld thuis horen. Echt, het acceptatievermogen van sommige spelers, trainers, scheidsrechters en supporters is vaak ver te zoeken.

Dit seizoen zijn er al weer aardig wat incidenten geweest. Zo stonden we bij HYS en werd er letterlijk iemand van het terrein afgejaagd, werd er zondag bij DIO twee man wegens commentaar op de leiding van het veld gestuurd en heeft ook niet iedereen zich even netjes gedragen tijdens onze eigen O-23 Cup. Ik snap dat er in het heetst van de strijd dingen gebeuren en gezegd worden. Zelf heb ik ook 25 jaar gevoetbald en was ook niet altijd even lief, maar ik verbaas me over hoe respectloos sommige figuren zich gedragen.

Vorige week stonden twee verslaggevers te kijken naar een wedstrijd in Hoofddorp. Zegt er vanuit het niets een speler die in de dug-out zat: “Kun je het zien ofzo?” Die kerel zal niet gezien hebben waar de verslaggever van was, maar hoe kansloos wil je het hebben? Wees blij dat er iemand naar je wedstrijd komt kijken! Daarnaast verbaas ik me steeds meer over de ziektes die over het veld worden gegooid en ik heb het idee dat scheidsrechters het vaak ook niet meer horen, omdat anders het duel eindigt met veertien man.

Mijn laatste ‘actieve’ jaren heb ik gevoetbald bij Haarlem-Kennemerland in een elftal vol oudgedienden. De eerste en tweede helft waren belangrijk, maar de derde vaak nog meer. Met een gemiddelde leeftijd van 35 kwamen we in de reserve zaterdag derde klasse nog al eens tegenover jonge gasten te staan. Twee keer trainen en een strakke warming-up, je kent het wel. Wij? Al vijf jaar niet meer trainen, een minimale warming-up en vooral lachen.

We waren wel bloedfanatiek, maar eigenlijk altijd met respect. We speelden ooit een uitduel bij Blauw-Wit in Wormerveer. We kwamen met 4-1 achter, trokken de stand weer gelijk en verloren in de laatste minuut met 5-4. Ondertussen ontvingen we een rode kaart en was er veel gedoe met de arbiter. “Ik ben neutraal, kom hier niet vandaan, dus geen gezeik,” schreeuwde hij regelmatig. Na de gewonnen derde helft liepen we richting de auto’s en vertrok hij toevallig tegelijkertijd. Woonde hij aan de andere kant van de dijk op zo’n 50 meter afstand van de kantine! Dat duel liep niet uit de klauwen omdat wij elkaar in toom wisten te houden, terwijl het een regelrechte schande was. Een soort van sociale controle. Normen en waarden, weet je.

Een ander voorbeeld. Met een vriendenelftal bij Onze Gezellen voetbalden we tien jaar geleden bij De Brug. Waren prima potjes, zolang je niet te ver voor kwam te staan. Deden wij wel. Binnen een kwartier stond het 0-3. We lopen terug naar de middellijn, zegt die scheids: “Zo jongens, nu is het onze beurt.” We eindigden met 8 man en verloren met 5-3, geloof ik. Achteraf kan ik er wel om lachen, maar toen was het niet bepaald tof. Ook toen hielden we elkaar in het gareel, terwijl er allerlei ‘onrecht’ werd aangedaan.

Dat mis ik nu bij veel wedstrijden. Er zijn weinig spelers die andere spelers op hun plek zetten en in toom houden. Het gevolg: opstootjes, schorsingen en zelfs competities die niet eens worden afgemaakt. In ‘onze tijd’ gingen we daar anders mee om. Gedoe met tegenstanders loste je op door een keer een goede schop uit te delen. Dat je dan een keer een schop terug kreeg hoorde erbij. Waren het teamgenoten die te ver gingen, dan konden ze lekker gaan douchen. Nu? Het acceptatievermogen is bijna nul.

Spelers, trainers, scheidsrechters en supporters wensen elkaar regelmatig de meest vreselijke dingen toe. Maar waarom? Leeft iedereen met het mes tussen de tanden en vind je het fijn je op deze manier op zaterdag of zondag te uiten? Ik hoop de komende tijd op wat minder incidenten. Niet alleen omdat we het bij Voetbal in Haarlem al druk genoeg hebben met een quiz, een nieuw maatschappelijk project bij Schoten en nog een aantal andere leuke dingen, maar vooral omdat ‘ons’ voetbal zo’n mooi spelletje is. Ik ben benieuwd.

Tot de volgende!

Martijn

Wil je reageren op deze column? Doe dat dan vooral en contact ons via redactie@voetbalinhaarlem.nl.

Voetbal in Haarlem

MARTIJN PRINSEN, 1982. Initiatiefnemer van Voetbal in Haarlem. Opgegroeid in het Haarlemse. 25 jaar gevoetbald bij Schoten, Kennemerland, Onze Gezellen en Haarlem-Kennemerland. Inmiddels niet meer tussen de lijnen te vinden, maar daarbuiten. Afgestudeerd onderwijzer en daarnaast actief (geweest) in de zorg en detailhandel. Voorzien van erfelijke taaltik en lichte dwangmatige nijgingen. Vader van twee mooie meiden, Nikki en Floor. Weer op de juiste route.